De Keuze: stem met je hart!

Zoals ik gister naar aanleiding van de antwoorden op mijn reiziger- of toeristvraag al opmerkte, is het de vraag in hoeverre ik een beeld heb van de Daedaluslezers. En met de verkiezingen in aantocht ligt het dan natuurlijk voor de hand de politieke kant van mijn bezoekers eens te bevragen.

Overigens ben ik minder benieuwd naar de keuze die je op 20 november zult maken, wanneer je je wellicht laat leiden door politiek-strategische overwegingen. En ook vraag ik mij niet af welke politicus jou het meest bevalt. Nee, ik wil van je horen welke richting, welk ideexc3xabngoed jou het meeste aanspreekt.

Kies daarom met je hart en geef mij je Keuze.

Advertisements

Reiziger of toerist

Wanneer je op reis bent, voel je je dan een toerist, of toch een reiziger? Dat was de vraag die ik je onder De Keuze voorlegde.
De vraag kwam bij mij op toen een collega, zonder het zo expliciet te stellen, aangaf haar eigen verre reizen, met de Lonely Planet als ‘bijbel’, wat dit aangaat toch heel anders te waarderen dan de 3 weken Turkse zuidkust van anderen.

Maar wat is eigenlijk het verschil tussen de reiziger en de toerist?

toexc2xb7rist (de ~ (m.), ~en)

1 iem. die voor zijn plezier reist

reixc2xb7zixc2xb7ger (de ~ (m.), ~s)

1 iem. die reist

Een reiziger is dus iemand die reist en een toerist ook, volgens Van Dale, zij het dat deze laatste het voor zijn plezier doet. Dat is toch niet helemaal het verschil waaraan ik dacht. Ik zie het verschil ongeveer zo:

  • degene die zich per vliegtuig laat verplaatsen om tijdelijk een appartement te betrekken of om door de reisgids geselecteerde bijzonderheden te beleven, die is toerist.
  • degene die zonder al te strak reisschema en zonder de omstandigheden te willen elimineren een bepaalde streek met haar bevolking wil leren kennen, dat is een reiziger.

Misschien is mijn definitie al te streng en is dat de reden dat ik de uitkomst van mijn vraag, 11 toeristen tegen 18 reizigers, met enige scepsis bekijk. Of misschien heb ik een heel verkeerd beeld van de bezoekers van mijn web-log. Tweederde reizigers, ik vind het namelijk wel een heel mooie uitkomst…

Een ander verhaal

Met veel genoegen las ik deze zomer het eerste deel vanRobert Musils drieluik xe2x80x98De man zonder eigenschappenxe2x80x99. Een van de vele mooie passages citeerde ik hier. Vol goede moed begon ik dan ook in het tweede deel.

Inmiddels is het echter toch herfst geworden, een rusteloos seizoen. In mijn hoofd in ieder geval. En dat tweede deel is meer beschouwend dan het eerste, of misschien lijkt dat zo, doordat het mij meer moeite kost de betekenis in de woorden te lezen. Telkens moet ik vaststellen dat van het zojuist gelezene slechts het oppervlak tot mij doorgedrongen is; zo blijft het boek ongelezen.

Nu heb ik dan ook besloten Musil voorlopig maar terzijde te leggen.

De eerste 40 bladzijden van ‘Een verhaal van liefde en duisternis‘ doen vermoeden dat dit boek van Amos Oz deze herfst beter bij mij past.

26 oktober

Groningen

Ontzagwekkend staat een nachtelijke hemel boven noord-groningen
de wegen gaan lang en smal in het donker teloor
vroeger kwamen hier verschijningen voor
bij een vervallen boerderij of achter verlaten woningen
een knecht die het zag pleegde zelfmoord
de geruchten gingen dat hij teveel dronk
tot men een andere knecht vond
zijn magere hals met boord en al in de strik
brak men een boerderij af dan kwamen archeologen
uit de stad gewichtig doen zij spraken
over een oeroud heiligdom offerplaats
heidense dodenfeesten enz.
de wandelaar ‘s nachts kan het weten
hij heeft in de kale struiken
het geritsel van angst gehoord.

Jan Kooistra

Gonny als geest

Het Kamerlid Gonny van Oudenallen wilde dinsdag een aantal vragen stellen aan de minister van Volksgezondheid, "althans aan zijn plaatsvervanger". Zij had niet in de gaten dat minister Hoogervorst zelf aanwezig was.
Kamervoorzitter Weisglas wees haar daarop: "De minister is er zelf".
Waarop van Oudenallen antwoordde: "Inmiddels wel".
"Nee", zei Weisglas, "al de hele tijd".
Van Oudenallen legde uit dat ze haar bril niet bij zich had. "Ik stond op de wachtlijst voor de oogarts en die vroeg of ik nog even kon terugkomen."
Hoogervorst: "Voorzitter, ik hoop dat mevrouw Van Oudenallen, nu ik sta, mij kan herkennen. Dat zou fijn zijn."
Van Oudenallen: "Ik dacht dat ik minister Hoogervorst zelf tegenover mij zou zien. Vandaar."
Waarna minister Hoogervorst zijn geduld verloor…

Een tegelijkertijd hilarische en treurig stemmende dialoog, gevoerd in het huis van onze democratie, de Tweede Kamer. Hoe is het mogelijk dat zo’n vrouw de functie van volksvertegenwoordiger bemachtigt?

Ik denk dat mevrouw Van Oudenallen helemaal niet bestaat. Ik bedoel, niet als mens van vlees en bloed. Zij is waarschijnlijk een spook, een geestverschijning die in het Parlement rondwaart om de Kamerleden te herinneren aan hun belofte de kiezer serieus te nemen, de afstand tussen politiek en burger te verkleinen. Was dat immers niet wat zij allen plechtig verklaarden, na de moord op Fortuyn?

Inmiddels wordt de kiezer benaderd alsof hij volstrekt niet serieus te nemen is. Het gesprek over zaken die er toe doen wordt zorgvuldig vermeden. Liever proberen ze elkaar vliegen af te vangen met uit hun verband getrokken ‘citaten’ en halve waarheden. Ook het bang maken van de kiezer door de ideeen van de ander in karikaturale vorm te presenteren blijft populair. En natuurlijk wordt geappelleerd aan de hebzucht van de stemmer: kwaliteit van leven uitgedrukt in koopkracht.

Het gaat goed met Nederland…

Arme maaiersvrouw

Hoor haar zingen, arme maaiersvrouw,
Ze waant zich gelukkig, of niet;
Ze zingt, en maait, en haar lied,
Vol blijde en naamloze rouw,

Golft gelijk een vogelzang
Door d’als een drempel schone lucht,
Met buigingen, van toon en klank,
In wat zij zingt, zacht als een zucht.

Haar horen maakt blij en maakt triest,
In haar stem is het werk en de velden,
En ze zingt als had ze voor haar lied
Meer redenen dan ‘t leve zelve.

O, zing dan, zing dan zonder reden!
Dat wat in mij gevoel is, denkt.
Stort uit over mijn hart het zwevend
En onzeker zingen van uw stem!

O, u te kunnen zijn en toch mijzelf!
Te leven in uw blij niet-weten
En dat te weten! O hemelgewelf!
O velden! O lied! Het weten

Weegt zo zwaar en ‘t leven is zo kort!
Dring in mij binnen! Maak mijn ziel
Uw lichte schim! En ga dan voort
En neem mij op, en heen, van hier!

Fernado Pessoa (1914)
vertaling: August Willemsen