No make up/yes make up

Ik was in de keuken met het eten bezig en luisterde naar de radio. Dit Is De Dag (DIDD) heet het programma waarnaar ik luisterde. Eerst was er een gesprek met prinses Laurentien over een rapport bomvol oplossingen voor het vluchtelingenvraagstuk. Die oplossingen komen van kinderen en zijn verzameld door Laurentiens Missing Chapter Foundation. Een waardevol rapport, lijkt me.

En toen kwam een item over Alicia Keys. Op 31 mei schreef zij een blog waarin zij vrouwen oproept haar #nomakeup revolutie te volgen. Columniste en journaliste Phaedra Werkhoven was in de studio om er iets over te zeggen. Phaedra is behalve journaliste ook een powervrouw, maar deze oproep tot een make up revolutie vind ze ‘eigenlijk wel een beetje hopeloos ouderwets’. Denk aan Dolle Mina. En ja, Alicia Keys heeft makkelijk praten, die is zonder make up ook al mooi.
“Je draagt zelf wel make up, zie ik” zei de presentator, en: “Zou je zonder durven?”
“Tegenwoordig doe ik dat bijna nooit” omzeilde Phaedra handig het wat flauwe ‘durven’. Zij voelt zich prettiger mét make up.

In het vervolg van het gesprek legt Phaedra de functie van make up nog eens uit. Heel veel vrouwen zijn niet perfect (als Alicia Keys) en voelen zich gewoon een stukje zekerder mét.

OK, dacht ik. Dus kennelijk hangt er boven iedere vrouw een ideaalbeeld van haarzelf waaraan zij nooit gaat voldoen en make up helpt haar om dat tekortschieten te maskeren. Dat ideaalbeeld wordt haar voorgehouden in films, reclame en de schoonheidsindustrie enzovoorts en mensen zijn ook helemaal niet te beroerd elkaar de maat te nemen. (de Franse filosoof Sartre zei het al: l’enfer, c’est les autres).

Nou ja, best interessant allemaal, maar niet meteen reden om er hier iets over te gaan schrijven. Maar toen bleek Phaedra wel een issue te weten dat wel de moeite waard is: kijk naar moslima’s en de manier waarop zij onderdrukt worden. Een fijne generalisatie. En je ziet ook meteen de westerse niet moslimvrouw als degene die het helemaal voor elkaar heeft. Zij doet immers wat zij zelf prettig vindt. Van sociale of commerciële druk heeft zij geen last. Zij is wel vrij en heeft helemaal geen reden zich onprettig, laat staan onzeker te voelen.

En toen moest ik toch even aan  ‘t schrijven.

Hier hoor je het gesprek met Phaedra Werkhoven.

 

 

Het referendum: moet ik nou stemmen of niet?

Ik ben nogal een trouwe stemmer. Iedere vier jaar, of zo vaak als nodig is, begeef ik mij naar mijn stembureau en stem. Niet dat ik altijd zo ondersteboven ben van wat regering en parlement aan plannen bedenken, maar omdat er altijd wel een persoon op de kandidatenlijst staat waarvan ik denk ‘ja, het lijkt me goed als die mening ook te horen is’.

En toen kwam de referendumwet.

Omdat eens in de vier jaar stemmen niet democratisch genoeg is kregen we de mogelijkheid zelf onderwerpen aan te dragen waarover gestemd kan gaan worden. Als er ten minste 400.000 Nederlanders zijn die dat voor dat onderwerp nodig vinden. Er zijn wel twee eigenaardigheden. De uitslag is niet bindend, dus regering en Kamer hoeven zich er niets van aan te trekken. En minstens 30% van de kiezers moet daadwerkelijk zijn stem uitbrengen. Toch, ‘een feest voor de democratie’.

En toen kwam het associatieverdrag met Oekraïne.

Tjonge, dacht ik, wat een ingewikkelde vraag wordt mij hier gesteld. Ruim 2000 pagina’s telt de tekst van het verdrag in het Nederlands en dan nog de bijlages die alleen in het Engels beschikbaar zijn. Honderden miljoenen plofkippen kwamen langs, de rechten van homo’s en lesbiennes, corruptie en de bestrijding daarvan, de Russische president Poetin die zich in de handen zou wrijven of juist tot het uiterste zou worden getergd,en natuurlijk de enorme kansen voor ons bedrijfsleven. Bij dat alles verschenen er ook nog Oekraïners die mij ervan wilden overtuigen vooral NEE te stemmen en andere Oekraïners die vertelden dat het beslist JA zou moeten zijn. Moeilijk moeilijk.

En toen kam het interview met de initiatiefnemers van het referendum, het Burgercomité EU.

„Oekraïne kan ons natuurlijk niets schelen, dat moet u begrijpen”, zei Arjan van Dixhoorn, voorzitter van het burgercomité, in dat interview. Het comité heeft maar één doel: de EU kapot maken. Daarvoor mag je best €40.000.000 gemeenschapsgeld verspillen aan een referendum.
Website GeenStijl leek het ook wel een ‘leuk zomerdingetje’, zo’n referendum. En toen er nog een aantal goochemerds opdook die wel een appje wilden bouwen waarmee voor het houden van een referendum stemmen een fluitje van een cent werd was het zo gepiept.
Het feest van de democratie bleek een feest van het bedrog.
Woensdag 6 april mogen we dus stemmen. Over het associatieverdrag met Oekraïne. Of over de EU. Of beter, over Nederland uit de EU. Ik ben benieuwd hoe JA en NEE stemmers de uitslag gaan interpreteren. Ik voorzie een voortzetting van het gekrakeel tot ver in de toekomst.
Een ding is me duidelijk geworden: aan referendums hebben we niks. Ik ga niet stemmen. Voor het eerst in mijn stemgerechtigde leven. En noteer een nederlaag voor de democratie.

De paddo gaat ondergronds

Vanaf morgen is de paddo, de hallucinogene paddestoel, in Nederland verboden. Een duidelijk besluit van regering en Tweede Kamer die daadkracht willen tonen. Maar bovendien het zoveelste bewijs dat het Nederlands drugsbeleid vooral irrationeel is.

In opdracht van de minister deed de commissie risicobeoordeling nieuwe drugs in 2007 onderzoek naar de risico’s verbonden aan het gebruik van paddo’s en kwam tot deze bevindingen:

Categorie risico                                            Waardering

I. Gezondheid individu                                   geen risico
II. Volksgezondheid/samenleving            gering risico
III. Openbare orde en veiligheid                gering risico
IV. Criminele betrokkenheid                        gering risico

Het heeft niet mogen baten. En dat laatste geringe risico zal binnen niet al te lange tijd dan ook wel een flink risico worden.

Zelfs politieke partijen die zich flink kunnen opwinden over het betuttelend vermogen van onze regering kiezen in dit geval voor bemoeienis door de overheid tot ver achter de voordeur van de burger.
(Beginselprogramma vvd:  [De vvd] beschouwt de individuele vrijheid, zowel in geestelijk als
in materieel opzicht, als het hoogste goed. Ieder mens heeft recht op vrijheid van
meningsuiting en op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer, integriteit van het
eigen lichaam en zelfbeschikking
).

Middelbare scholen zien zich genoodzaakt alcoholcontroles te houden voorafgaand aan het schoolfeest. Maar de leeftijd waarop alcohol verkocht wordt verhogen naar 18 jaar gaat onze volksvertegenwoordigers toch te ver.
Coffeeshops in de buurt van scholen moeten gesloten worden. Maar de supermarkt om de hoek stunt vrolijk verder met z’n alcoholica. "School vreest blowen minder dan drank" kopte de krant dan ook. Maar ja, drank is er vooral voor onze gezelligheid, dus dat is een heel ander verhaal. En leverde de drooglegging in de VS destijds iets op? Nou dan!

Paddo's toch verboden?

Paddos_2Vooral na de aan het gebruik van paddo’s toegeschreven dood van de Franse toeriste Gaelle Caroffontstond er nogal wat beroering rond de paddo. Dienstdoend minister vanVolsgezondheid, Welzijn en Sport Ab Klink (CDA) kondigde vervolgens eenverbod aan op de verkoop van verse paddo’s. Dat hij toch besloot eerstnog om advies te vragen kon gemakkelijk gezien worden als de poging vaneen verstandig politicus tijd te winnen om, als de kou uit de lucht zouzijn, een verstandig besluit te nemen. Van besluiten gebaseerd opdemagogisch gekrakeel, het soort drukte waaraan wij in Nederlandinmiddels gewend dreigen te raken, krijg je immers alrijd spijt, vroegof laat.

Inmiddels heeft de minister het gevraagd advies,uitgebracht door het Coxc3xb6rdinatiepunt Assessment en Monitoring nieuwedrugs (CAM), onderdeel van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ).

"Hetgebruik van hallucinerende paddestoelen (paddoxe2x80x99s) levert een dusdaniglaag risico op voor de individuele gezondheid en de samenleving dat hetverbieden van paddoxe2x80x99s een te zwaar middel is in verhouding met deoverlast en schade door het huidige gebruik."

Eenadvies waar een verstandig minister zijn voordeel mee kan doen, zou jedenken. Maar met zoveel nuchterheid kan de minister toch niet uit devoeten. Zijn vraag om advies blijkt geen opzetje om tijd te winnen tezijn geweest. Minister Klink besloot het advies van het CAM naast zichneer te leggen; hij vindt paddo’s wxc3xa9l gevaarlijk. En aangezien eenmeerderheid van onze volksvetegenwoordigers die mening lijkt te delen,zullen we binnenkort de vrije natuur in moeten om een portie paddo’s tebemachtigen. Dat kan natuurlijk tot ongelukken leiden, denk aan giftigepaddestoelen, waarop de minister waarschijnlijk zal reageren, na adviesgevraagd te hebben aan Staatsbosbeheer, met een verbod op het groeienvan paddestoelen in het wild.

Tot die tijd voorzie ik een flinke opleving van de padvinderij.

Bij ons in het dorp, of hoe de boerkini ontmaskert

Zo’n 40-50 jaar geleden brak de welvaart in Nederland echt door, ook in het dorp. Er was geld en daar konden we leuke dingen mee doen; we kregen een zwembad!
Natuurlijk waren er mensen die dat onzin vonden: zwemmen deden wij jongens toch gewoon in de vaart? En van zo’n zwembad kon toch alleen maar gedonder komen. Nee, een zwembad was niks voor ons dorp.

En inderdaad, het duurde niet lang of het zwembad moest ook op zondag open. "Zo doen wij dat niet in ons dorp" werd er geroepen. Maar de tijdgeest bracht vrijheid en zelf kiezen, dus het zwembad ging op zondag open.
De geschiedenis herhaalde zich nog een paar keer. Zwemmen zonder badmuts? Geen badpak maar zo’n zedeloze bikini? "Zo doen wij dat niet in ons dorp" klonk het telkens, maar de stemmen die iedere dorpeling de eigen keuze wilden laten waren in de meerderheid.

De jaren gingen voorbij, de zwembroeken werden groter, de bikini’s werden kleiner en we dachten dat "Zo doen wij dat niet in ons dorp" uitgestorven was. Tot op een dag een vrouw in ons zwembad verscheen gekleed in een badpak zoals dat sedert de jaren ’10 van de vorige eeuw niet meer vertoond was: een boerkini. Dit schoot de heer Kamp, beoogd leider van de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie, dezelfde die nog pas een paar jaar geleden soldaten naar Afghanistan stuurde om dat land op te bouwen tot een land van en voor vrije mensen, een land waar de burgers hun eigen keuzes zouden mogen maken, dat schoot de heer Kamp dus in het verkeerde keelgat. "Zo doen wij dat niet in ons dorp" sprak hij, "zo’n bourkini is aanstootgevend voor mensen die op een normale manier willen sporten, gezond willen zijn en met elkaar plezier willen maken."
En in zijn stem weerklonk een nauw verholen verlangen naar de tijd dat ons dorp nog van ons was.