Een onhandige leus

Waar anders reclame wordt gemaakt voor een tentoonstelling, een concert of een wat commercieler doel, hingen nu ineens de grote blauwe pakkaten met de witte letters. "Wij moeten weer naar het bordeel!", staat er te lezen, schuin boven een oosters aandoend, bozig kinderhoofdje met een petje op dat een stopbordbord omhoog houdt.
Wij moeten weer naar het bordeel? dacht ik, wat een rare kreet, maar voor ik meer te weten kon komen was ik er al voorbij gefietst. Zo ging dat nog een paar keer, tot ik eens afremde om de kleine letters onderaan wel te kunnen lezen. O, Terre des hommes, zag ik, het heeft dus iets met kinderen in verre landen te maken. Maar wat precies?

Er wordt nogal wat informatie over ons uitgestort en om daarboven uit te komen wordt regelmatig een provocerende vorm gekozen. Zo ook hier. Alleen moet je net teveel moeite doen om te ontdekken dat achter die rare kreet, wij moeten weer naar het bordeel, een heel goede bedoeling schuil gaat: zeg nee tegen kinderprostitutie.

Advertisements

Zijn we arm of zijn we rijk?

De uitzending van EenVandaag van dinsdag 20 november illustreerde mooi de welvaartsspagaat waarin wij ons bevinden.

Eerste onderwerp:

  • Limburgse ziekenhuizen moeten patienten weigeren omdat er geen bedden vrij zijn. Er zijn geen bedden vrij, doordat uitbehandelde patienten die na ontslag thuiszorg nodig hebben bij Thuiszorg op de wachtlijst komen en zo lang in het ziekenhuis moeten blijven. Die wachtlijst bij Thuiszorg is er doordat Thuiszorg door zijn geld heen is en van het Zorgkantoor geen extra geld krijgt. Het Zorgkantoor verstrekt geen extra middelen omdat de AWBZ-pot leeg is. (Een vergelijkbare situatie deed zich enkele weken geleden in Drenthe voor) Er is kortom te weinig geld om Nederlanders de zorg te verstrekken die ze nodig hebben.

Tweede onderwerp:

  • Door de lage dollarkoers zijn wij Nederlanders rijker geworden in de Verenigde Staten. Tegelijkertijd staan de Amerikaanse huizenprijzen onder druk doordat nogal wat Amerikanen hun hypotheeklasten niet langer kunnen dragen en noodgedwongen hun huis moeten teruggeven aan de bank. Steeds meer Nederlanders zijn zodoende in de gelegenheid een tweede huis te kopen in de VS.  Er is kennelijk genoeg geld om een huis in de VS te hebben en daar geregeld naar toe te reizen (de CO2 uitstoot van het vliegen wordt natuurlijk gecompenseerd door bomen te laten planten).

Is Nederland nu arm (zorg) of toch rijk (tweede huis)?

Neurologische danseres

Wat voor mens ben ik nu eigenlijk?
Een vraag die iedereen zich wel eens stelt, en een vraag waarop het antwoord niet zo gemakkelijk meer te vinden is nu ons van alle kanten testjes en verklaringen en verhalen worden aangereikt die de indruk wekken licht in de duisternis van het ‘ik’ te werpen.
Deze danseres kan je in ieder geval laten ontdekken of je rechter- dan wel je linker hersenhelft dominant is (klik op de afbeelding). Draait ze met de klok mee, dan is jouw rechter hersenhelft dominant, draait ze linksom dan de linker. En dat maakt verschil voor wie je bent…

Danseres

Rechtsbreinigen leven meer vanuit :

  • het gevoel
  • het grote geheel
  • verbeeldingskracht
  • symbolen en beelden
  • het nu en de toekomst
  • filosofie en religie
  • snappen
  • overtuigingen
  • hoe ze het beleven
  • ruimtelijke waarneming
  • ‘waarvoor het dient’
  • fantasie
  • mogelijkheden
  • impulsief
  • het nemen van risico

Linksbreinigen meer vanuit:

  • de logica
  • de details
  • de feiten
  • taal en woorden
  • heden en verleden
  • wis- en natuurkunde
  • begrijpen
  • weten
  • hoe ze het waarnemen
  • waarneming van (rang)orde en patronen
  • ‘wat het is’
  • de realiteit
  • strategiexc3xabn
  • praktisch
  • veiligheid

En, heeft ze gelijk?

Het tweede biertje

 

André Rouvoet,minister voor Jeugd en Gezin en vice-minister-president, gunde ons eeninkijkje in zijn alcoholverleden en sprak: “Zelf ben ik nooit dronkengeweest, maar ik heb wel eens gehad dat een tweede biertje slecht viel”.

Dat een tweede biertje slecht viel… Een schok van herkenning voer door zijn gehoor van jongeren.

En ik probeer mij een beeld te vormen van hoe dat toen gegaan is, die dagwaarop dat tweede biertje slecht viel. Misschien gebeurde het tijdenseen studentenfeest in zijn jaren als jongeling, of tijdens eenvakantie, of toen bij die barbecue in de straat waar hij woont:

Het was vrijdagavond, volop zomer en André was nog geen minister. Het was gezellig. De kinderen speelden, het vlees smaakte prima, net als de salades, en gelukkig was die ene vervelende buur niet verschenen. André genoot van de ongedwongen sfeer, praatte met buren die hij anders eigenlijk alleen ‘s morgens groette, ieder op weg naar een welbestede werkdag, en zonder het te merken was hij bij de partytent beland waar de drankjes koel stonden te lonken. Uit gewoonte greep hij naar een pak sap, toen zijn oog plots op de kist met ijswater viel waarin blikjesbier dreven. ‘Zal ik..’, dacht hij, en voor hij het wist had hij zo’nijskoud blikje te pakken.

‘André!’
Hij voelde zich verdorie bijna betrapt.
‘Wat doe je, André!? Zijn vrouw kwam naast hem staan en keek hem doordringend aan.
‘Ach’.Hij had even nodig om zich te herstellen. ‘Ach Lies, het is zo’nheerlijke avond, ik voel me heel erg op mijn gemak tussen al die lieve buren, een tweede biertje zal toch geen kwaad kunnen…?’
‘Je bent oud genoeg om dat zelf uit te maken, André’, sprak zijn vrouw gedecideerd en keerde hem haar rug toe.

Sissend klikte het tweede biertje open.

‘Nettie, let jij een beetje op je broer. Hij gaat een tweede biertje drinken’.Nu ze haar schoonzus had gewaarschuwd ging Liesbeth op zoek naar haarkinderen.
‘Kom jongens, het is tijd om naar huis te gaan.’
Daar waren de kinderen het natuurlijk helemaal niet mee eens. Het feest was nog in volle gang, niemand ging nog naar huis.
‘We gaan morgen vroeg lekker naar het strand’, schoot Liesbeth te binnen, en die belofte was net voldoende om hun verzet te breken.

Ze had de kinderen nog maar net naar boven toen ze André binnen hoorde komen. Hij keek haar schuldbewust aan. ‘Dat tweede biertje is toch niet zo goed gevallen’, kreunde hij.
‘Laat dat een les voor je zijn!’. Het kwam er nog net iets feller uit dan ze bedoeld had.

Toen Liesbeth en de kinderen de volgende dag terug kwamen van een heerlijk dagje aan het strand voelde André zich al weer een stuk beter. Hij had zelfs al boodschappen gedaan, om het weer een beetje goed te maken. Liesbeth keek hem liefdevol aan en hij voelde dat ze hem al had vergeven. En over dat tweede biertje werd nooit meer gesproken. Tot vorige week…

Mooie films. En toch…

Ik zag onlangs twee mooie films: Iklimler en 4 maanden, 3 weken en 2 dagen. De eerste uit Turkije, de tweede uit Roemenixc3xab en alletwee films die het leven serieus nemen en met zorg en liefde gemaakt zijn. Geen vals sentiment, geen melodrama en zeker geen (of, eerlijk gezegd: nauwelijks) effectbejag. Mooi dus.

En toch hebben beide films iets dat mij stoort. Het is niet precies hetzelfde, maar het heeft veel met elkaar gemeen.

In Iklimler zien we een liefde verdampen. Ik weet niet wat er al gezegd en gedaan is voordat wij het verhaal binnekomen, maar gaandeweg krijg ik toch de neiging om hem en vooral haar toe te roepen: zeg nu gewoon eens wat je voelt, wat je vindt, wat je wilt! Raar misschien: Nuri Bilge Ceylan wil natuurlijk juist het verhaal vertellen van twee mensen die niet (meer) echt met elkaar kunnen praten.

Iklimler

In 4 maanden, 3 weken en 2 dagen zet een studente zich enorm in om voor haar kamergenote een illegale abortus te organiseren (abortus is verboden en er staan flinke straffen op). Ceaucescu is nog aan de macht en Roemenixc3xab is een grimmige land. Een aangrijpende film.
Alleen jammer dat de zwangere studente zo’n sukkelig type moest zijn. Ze spreekt te zacht, doet wat ze moet doen maar half of helemaal niet, en ik zeg (in gedachten, dat wel; ik zit immers in de bioscoop en niet bij een poppenkastvoorstelling) tegen haar vriendin: geef dat mens een schop onder haar kont!

Ik zou deze film nog wel eens willen zien, maar dan met een vrouw met minder schaapachtige contouren.