Bijna stil in Appelbergen

Advertisements

Omdat het crisis is wekken de berichten over de ontwikkeling van onze koopkracht, over de koopkrachtplaatjes, een groter gevoel van urgentie dan ze vóór 2008 al deden. Tussen al die plaatjes ga je op zoek naar het plaatje dat het best bij jezelf past om vervolgens te ontdekken dat het plaatje van je eigen loonstrook er toch nog weer anders uitziet. Bij mij kwam er per januari bijvoorbeeld €6,- bij en dat was toch minder dan ik had gedacht.

Om al die abstracties wat te verlevendigen plaatsen de kranten stukjes waarin de financiële situatie van gewone mensen wordt geschetst. Dat levert bij mij regelmatig een zogenaamde ‘huh?-erlebnis’ op.
In het economie-katern van de nrc van zaterdag 6 april gebeurde dat twee maal.

In het ene geval gaat het over Gijs Koekenbier en zijn vrouw (zij krijgt geen naam want ze is natuurlijk mevrouw Koekenbier). Meneer Koekenbier en zijn vrouw ontvingen maandelijks €4430, maar nu zijn pensioen gekort wordt hebben ze nog maar €4260 per maand; netto en inclusief AOW. Dat is ongeveer 2,5 keer zoveel als ik te besteden heb. Toch moeten meneer Koekenbier en zijn vrouw de tering nog meer naar de nering zetten dan ik. De museumjaarkaart hebben ze op moeten zeggen en de kortingskaart van de ns ook. Terwijl die twee mij nu juist helpen in deze tijd van schaarste!

Het andere stukje gaat over Lotte. Zij is 34 en verzorgster en gastvrouw in bejaardeninstellingen en verdient tussen €900 en €1200 netto per maand. Sinds kort heeft ze ‘een droomhuis met drie kamers’. Het is nog lang niet helemaal ingericht want ze wil sparen. Dat is knap, sparen met zo’n inkomen, en ze zal dan ook wel geen ns-kortingskaart hebben en ook geen museumjaarkaart. Op de foto bij het artikel kun je wel in haar kast kijken. Daar staan elf paar schoenen, als ik goed tel, waarvan vier paar zo’n hoge hak heeft dat je er zonder flink oefenen toch nauwelijks op zult kunnen lopen.